Borstvoeding

Borstvoeding

Het gaat zelden zoals je het wil, fantastisch. Nee, ik geloof niet dat er iemand enthousiast was. Vooral niet toen het moeizaam ging. Steun heb ik wel gehad, vooral bij de start. Als ik de zoveelste poging deed hem beter te laten drinken, waren mensen bezorgd: ‘Waar begin je aan? Hij wordt ook echt wel groot op kunstvoeding.’ Ja, dat klopt.

Ik geloof ook niet dat borstvoeding beter is. Je zou er zelf fitter van worden (ik ben nog steeds zo moe), je kind zou beter beschermd zijn. Minder kans op allerlei ziektes. En als je langer dan 6 maanden borstvoeding geeft, is de kans zelfs 30% minder groot dat je kind leukemie krijgt . Juist. Ik hoef je niet te vertellen welk kind ik meer dan 6 maanden gevoed heb… Roos. Ik heb haar gedragen en alles gelaten. Ik heb haar maanden lang zelf gevoed, mijn best gedaan voor biologische zelfgemaakte hapjes. Het beste voor haar. En zij kreeg kanker, zij ging dood.

En nu voed ik weer. Nee, Merijn krijgt geen borstvoeding omdat het beter is voor hem. Ook de biologische hapjes komen het meest uit een potje. Toch voed ik hem. Weer. Want ik heb het nodig. Om te binden, om nodig te zijn. Te leren vertrouwen in het leven. Opnieuw. Want ik wil liefhebben, maar wie gaat mij beloven dat ik dit kind wel mag houden? Niemand. En toch moet ik verder, met hem. Hij wordt ouder, hij wordt ook een keer twee.

Hij eet inmiddels (potjes) fruit en groente, brood als hij er niet in stikt (dit komt er vanzelf weer uit..). En minder voeding erbij. Ik ben minder nodig, op die manier. En dat is goed. We hebben andere manieren gevonden van contact, van binding. Lachen, spelen, kletsen en knuffelen. (En heel hard huilen en stil worden als ik er ben, lief maar niet altijd even handig.)

Maar zo ben ik toch ook nodig. Dat heb ik nodig. Het leert mij leven. Het geeft zin om er te zijn.

Reageren is niet mogelijk.